De molen net voor de restauratie.

De molen net voor de restauratie.

Geschiedenis van de molen – vervolg

In 1919 verkocht Arie de molen aan de coöperatie Ons Belang. Enkele jaren later werd Hendrik Jongste de molenaar en hij zou dat ongeveer 40 jaar blijven. In 1943 verkocht de coöperatie de molen aan Dorus Kortekaas; molenaar Hendrik Jongste bleef de huurder. In 1947 werd historie geschreven op de Nootdorpse Windlust toen de molen op één roede fokwieken kreeg en daarmee was het de tweede molen in Nederland met dit systeem van ir. Fauël. Toen Hendrik Jongste in 1951 een hamermolen aanschafte, werd er steeds minder op de wind gemalen. In 1955 kocht molenaar Hendrik Jongste de molen; hij is dan al 71 jaar. Na het overlijden van Hendrik Jongste in 1963 werd de molen gekocht door Gerard van Rijswijk. Deze beschikte niet over de geldmiddelen en de kennis om de molen in een betere staat te brengen. De molen raakte steeds verder in verval. Toen het echtpaar Koos en Bep de Wolf-van Domburg het huis, de molen en de graanschuur kochten in 1974, braken er betere tijden aan. Nadat zij een nieuw huis hadden laten bouwen kreeg de restauratie van de molen alle aandacht. Toch duurde het tot 1987 voordat er voldoende financiële toezeggingen gedaan waren om met de feitelijke restauratie te kunnen beginnen. Op 29 mei 1989 kon de molen weer feestelijk in bedrijf genomen worden. De restauratie had toen f 480.000 (€ 220.000) gekost. Begin 1995 werd eet-café De Vang geopend in de voormalige graanschuur.
Op 28 april 1998 vond de oprichting plaats van de Stichting Vrienden van de Windlust te Nootdorp (VWN). Eind 1999 werd Leen van der Lee uit Delft eigenaar van de molen en de graanschuur en in april 2000 nam de stichting het beheer van alle molenzaken van hem over. Sinds 2 september 2008 is de molen (en de voormalige graanschuur) eigendom van de Stichting Vrienden van de Windlust te Nootdorp.

De molen tijdens de restauratie.

De molen tijdens de restauratie.

Bouwtype van de molen

De molen Windlust is een stellingmolen: de molen heeft een stelling of omloop die hier op de hoogte van de eerste zolder (ongeveer 3 meter) ligt. De wieken draaien vlak over die stelling. De molen is dus géén grondzeiler, want bij een grondzeiler draaien de wieken vlak boven de grond; je kunt dan vanaf de grond in de wieken klimmen. Verder is de vorm van de molenromp van de Windlust een achtkant dat met riet gedekt is. De molen is ook een bovenkruier. Dat wil zeggen dat alleen het bovenste gedeelte van de molen (de kap) kan draaien. Het draaien van de kap heet kruien en dat doet men om de wieken in de richting van de wind te zetten.